Na Mangystau, de meest zuidwestelijk provincie, willen we dwars oversteken naar Pavlodar in het noordoosten. Maar dat gaat zomaar niet! Er liggen niet overal wegen en dus rijden we eerst naar Aktobe in het noorden. Nog steeds in prima gezelschap van Saskia & Martijn rijden we in twee etappes naar de grote stad. We hebben twee kamers in het mooie hotel Dastan geboekt, midden in het centrum. Als we daar op 15 mei aankomen is de parkeerplaats goed vol. Ik loop naar binnen en binnen notime staan onze beide voertuigen voor de deur. Wat een welkom! We gaan even wat relaxen en de receptie belt. De eigenaar van het hotel wil onze auto bekijken. Leuk, maar nu effe niet. Dat doen we morgen wel. Na een biertje in het hotel lopen we door het centrum naar Revolver, de keus van Martijn. Dat pakt fantastisch uit! Heerlijk gegeten. Vooral de salade met knapperige aubergine (tempura techniek??) is fantastisch, naast het vlees en de wijn natuurlijk.
Na een uitgebreid ontbijt vertrekken we met volle zakken wasgoed in de Yandex taxi naar de wasserette. We lopen intussen een rondje en vinden een luxe markt met delicatessen. Ook lunchen we heerlijk in een hip tentje. ‘S Avonds eten we in de Che-chil bar. Omdat we zo vroeg zijn kunnen we er eten. Na 9 uur proberen we nog wat te drinken, maar dat lukt niet. Nou ja, de live band was toch niet om aan te horen! Dan maar een drankje in het hotel. De volgende ochtend nemen we afscheid van Saskia & Martijn; zij gaan zuidelijk naar Oezbekistan, wij noordelijk richting Rusland. We reizen eigenlijk nooit langere tijd met anderen, maar dit is uitstekend bevallen!




Op 17 mei rijden we naar Qarabutaq. Wat een verschrikkelijke weg. Vorig jaar nog vernieuwd maar nu vol met gaten. Als we er zijn halen we water bij een bron en vinden een wildplek tussen wat bomen met, helaas, krijsende vogels om 4.30uur! De steppe verandert in grote velden landbouw. In Qastanay zijn we eerder geweest in 2019. Nu slapen we op de parking van het plaatselijke stadsstrand. ‘S Avonds ontvouwt zich een heel spektakel met cruisende jongeren. Toppunt is een slippende Lada, die met hoge snelheid rondjes draait op het asfalt. Slapen gaat overigens prima. We doen een boodschap in een ruim gesorteerde supermarkt, aan keuze geen gebrek hier! Meestal vragen ze of we Duits zijn.
De weg naar het oosten is bij vlagen echt bar slecht. Het water staat hoog aan beide kanten, dus misschien is de weg ondergelopen? We rijden 285 km en eindigen langs een akker. Best een prima plek, maar al snel worden we belaagd door muggen en knøtjes, die door de horren binnenkomen. Effe snel douchen en naar binnen! We beleven nog dagen plezier aan de jeuk! Via Kokshetau rijden we het nationaal park binnen. Midden in de steppe bergen! Dat wordt op z’n Kazachs gelijk geexploiteerd: wandelpaden, fietspaden, lantarens op zonnecellen, toeristenwinkeltjes, erg uitbundig allemaal. De mooie bergen en meren zou je bijna vergeten. Bij de toegangspoort moet je met een app betalen en die hebben we niet! De file wordt langer tot een jonge Kazach te hulp schiet. Hij betaalt en wij betalen hem. Geregeld! We vinden na enig gezoek een wildplek aan een meer waar ook de truck van Claudio en Carla staat (Reisekiste.ch). Het waait ongenadig. We maken kennis met de Zwitsers die ook naar Mongolië gaan en in hun vrachtwagen wonen. Wie weet zien we ze nog! Blijkt dat we naast een soort feestlocatie staan, waar kinderen en volwassenen hun best doen met karaoke. Heel gezellig en gelukkig houdt het op tijd op! We blijven twee nachtjes staan.







Op 22 mei rijden we over een biljartlaken van een snelweg naar de hoofdstad Astana. In 2019 heette het nog Nur-Sultan en sliepen we in een hotel. Nu staan we bij het Nomad 4×4 hostel. Even wassen en uitgebreid douchen. Sarah en Wouter (@star_troopy), waar ik contact met heb via Instagram, komen ook. We kletsen de middag helemaal vol. Sarah bestelt met de Yandex app heerlijk döner die we in onze auto opeten (het is fris). Na wat klusjes, gaan we met een Yandex (een soort Uber taxi) naar een grote bazaar. Als we aankomen vraagt hij of we toeristen zijn. Ja? Dan mogen we absoluut niet betalen! Wat lief van de man! En natuurlijk laten we geld achter op de voorstoel. De bazaar is, heel anders dan in Turkije of Iran, een keurig georganiseerde verzameling winkeltjes met 5 verdiepingen. Hoe verder we lopen, hoe meer we kunnen afstrepen: bril laten stellen (top, zonder dat de man me gezien heeft!!), allebei naar de kapper (Wouter durft z’n krullenbol niet te laten knippen) en lunch in het foodcourt. S Avonds kookt Sarah heerlijke wraps met salsa in onze camper. We staan geparkeerd naast het hostel, maar bij de buren wordt iedere dag gebouwd met de radio op 10. Goede Kazachse muziek, dat wel, maar je wordt er wat flauw van. Ook op zondag beginnen ze al vroeg. We gaan met Sarah en Wouter de waanzinnige Nur boulevard aflopen, een bonte verzameling van uitbundige architectuur. Ijsje, lunch en ’s Avonds eten we nog een keer samen alle kliekjes op. Ook zij gaan naar Mongolië, dus wie weet.






Op 26 mei nemen we afscheid, slaan boodschappen in en rijden naar het noorden. We besluiten het Bayanaul NP aan te doen. OK, 300 km om maar wel de moeite waard. Ik rijd ook een stukje snelweg om weer wat rijervaring op te doen. Midden in de vlakke steppe, na het passeren van enorme open kolenmijnen, doemen bergen op. Joost rijdt maar liefst 485 km. We vinden een plekje tussen de rotsformaties. Het is koud en we slapen als een os (zoals gebruikelijk in de Chef☺️). De volgende ochtend komt een ranger langs die vraagt of we aan het uitrusten zijn. Natuurlijk! En hij wil op de foto met de auto. We lopen naar het pronkstuk van het park, de Kempirtas. Een balancerend stuk rots dat lijkt op een heksenhoofd. Er staat een gezin te poseren met de Kazachse vlag. Dat willen wij ook wel! Leuk. We scharrelen een uur langs verschillende rotsformaties. De wind is een stuk minder en de zon schijnt. Helaas is de rest van het park niet erg toegankelijk en het zuidoosten, bij de grote meren, is het ronduit toeristisch. Het is nog vroeg in het seizoen, dus je kunt waarschijnlijk over de koppen lopen en juli. We vinden een mooie plek net buiten het park. Onderweg er naar toe fietst een jongetje voor ons uit en verliest z’n mobieltje. Joost ziet het net op tijd! S Avonds komt een groepje paarden nieuwsgierig op de auto af, maar de Chef blijkt geen paard!
De volgende dag rijden we naar Pavlodar, de laatste stad voor de Russische grens. We hebben contact met Khachik, een vriend van Sandra. De Armeense familie is op zoek naar nieuwe kansen een tijd geleden neergestreken in Kazachstan. We zijn van harte welkom. Khackik spreekt prima Engels en laat hun hotel met zwembad, restaurant en drie prive saunaruimtes zien. Wat een complex! Er zijn nu alleen nog zakelijke gasten. We krijgen geen idee hoe het loopt. Hij biedt ons lunch aan in hun shasliktent aan de weg en vertelt ons waarom en hoe hij aan het wijnmaken is gegaan (https://www.instagram.com/gyurjyanwines?igsh=eTM1Zm05a2p4dncy). Hij maakt op de traditionele manier natuurlijke wijn in amphoras in Armenië. Helaas heeft hij niets om te proeven. We maken een wandeling in Pavlodar, maar afgezien van een bijzondere moskee en wat tsaristische huizen, is het niet bijzonder. We eten wat in de auto en dan vraagt hij ons te komen eten. We proeven wat Armeense gerechtjes en maken kennis met z’n vader, die flink aan de tequila zit (?!). We slaan het aanbod van een hotelkamer af en slapen lekker in ins eigen bed. S ochtends belt hij ons voor het ontbijt en we ontmoeten zijn moeder, die me warm omhelst alsof ze me lang niet gezien heeft. Hij heeft ons aangeboden om met ons mee te gaan om ons gordijn te laten repareren, wat bouten en moeren te kopen en geld te wisselen. Het wordt een uitgebreide tocht in de dikke Landcruiser van z’n vader. Voor we het kunnen voorkomen heeft hij alles betaald! (Behalve de Roebels en het gordijn). Hij vindt het maar raar dat wij dat raar vinden, het is zijn cultuur om vrijgevig te zijn naar gasten! We gaan op de foto en nemen afscheid. We moeten beloven terug te komen en dan 5 dagen te blijven!




Na zo’n 3000km vanaf Mangystau, zijn we op 29 mei bij de grens met Rusland. De Kazachse douaniers zijn erg precies en willen ieder laadje open hebben. De Russen zijn een stuk efficiënter. Of we Duits zijn? Nee, Holland en de douanier roept: Rotterdam! En zeker op weg naar Mongolië? In 1 1/2 uur is alles gepiept. Helaas duurt de autoverzekering afsluiten een stuk langer. Met Google translate is de communicatie nog moeizaam en als we betalen moeten we op de baas met wisselgeld wachten, een uur! Nou ja, het is gelukt en we vinden een prima plekje waar we direct lekker douchen. Heel benieuwd wat West-Siberië en de Altai ons gaat brengen!
Tot de volgende keer. Liefs, Marijke






Goed om weer van jullie te vernemen! Zou graag in het echt een dagje met jullie willen meereizen….
Hartelijke groet,
Jan VOKO
Dag Jan,
Wat geweldig dat je ons (nog steeds!) volgt. Je bent natuurlijk van harte welkom om een dagje mee te reizen, maar dat vergt wel wat logistiek! We hopen dat je via onze verhalen toch een beetje meegenieten. Joost houdt trouwens Polarsteps bij, om de paar dagen. Ook leuk. Zoek naar Joost Pigmans, Waspik op Polarsteps.
Hartelijke groet van Joost en mij.
Verzonden vanaf Outlook voor Androidhttps://aka.ms/AAb9ysg
Hoi Marijke & Joost,Heb genoten van je reisverhaal en de foto’s. W