Donderdag 7 augustus worden we in Xi’an op het station afgezet. Weer met die nerveuze chauffeur, geen feest. In ruim 2,5 uur flitsen we naar Chengdu, de hoofdstad van de Sichuan keuken, dat belooft wat. Het hotel Wenjun is op zich prima en authentiek, maar wel een contrast met de voorgaande 5 sterren ervaringen. Normaal slapen we nooit zo luxe maar je gaat er aan wennen. Zeker in de hitte. We sjouwen de baggage 4 trappen op en zetten de airco op max. Omdat we pas morgenavond een foodtour gaan doen, heeft Joost een extra activiteit bedacht: een bezoek aan de irrigatiesystemen van Dujiangyan, werelderfgoed. We vragen het hotel tickets en een taxi te regelen, zo gepiept. Als we enigszins zijn afgekoeld, gaan we lopend de sta in. Het is vochtig en warm. Bezienswaardigheid zijn de smalle straatjes in de buurt. En dat vinden meer mensen! Het is een gekkenhuis van winkeltjes en streetfood, zo idooot dat het leuk is. We duiken regelmatig de meest vreemde winkeltjes in, met 1 belangrijk thema: panda’s! Pandbeertjes, panda-ijs, panda poppetjes, sleutelhangers en vanalles meer. Op de gok gaan we een restaurant binnen. De menukaart is als een koffietafelboek met schitterende foto’s van heerlijke gerechten. Ik krijg als extraatje een glas kokosmelk met sagoparels en natuurlijk een eetbaar pandabeertje. Bij Joost wordt aan tafel de pekingeend gesneden. Ik eet het meest bekende gerecht van China Kung Pao Chicken. Het smaakt fantastisch. We lopen door het feest op straat terug naar ons hotel en slapen prima.






Na het ontbijt worden we opgehaald door een taxi en in ruim een uur naar de irrigatiesystemen gebracht. In 256 voor Christus is gestart met de bouw van een vernuftig systeem dat het water in de Minjiang rivier regelt voor de irrigatie van zo’n 660.000 hectare land. Inmiddels cultureel werelderfgoed. Bijzonder dat zoveel mensen hierin geïnteresseerd zijn! We lopen een wandeling van een aantal kilometers langs de prachtige rivier, tempels en uitleg over de waterwerken. De hangbruggen wiebelen enorm met al die mensen. De Erwang tempel is schitterend. We eten noodlesoep bij een klein tentje en rijden terug naar het hotel.
Even opfrissen en de highlight van ons bezoek aan Chengdu staat op het programma: een foodtour! Met de metro melden we ons bij gids Heaton, die op de Erasmus heeft gestudeerd en bij BYD gaat werken in Nederland. Samen met Spanjaard Anton en de Belgische Gunther en zijn 72-jarige moeder gaan we op pad in twee tuktuks. Gunther en Juliette zijn hier om hun dochter en kleindochter te zien tijdens de Asia Games op het onderdeel reddingszwemmen. Helaas is het ze niet gelukt om binnen te komen! Heb je daar die hele reis voor gemaakt. De eerste stop is een klein tentje waar ze gevulde kleine pannekoekjes verkopen. Heerlijk! Zowel die met spicy beefvulling als die met pindakaas. Heaton’s favoriet als schooljongen krijgen we ook: geraspte wortel pickle met chocolade, tja…. De rit met de tuktuks door de drukke stad is een avontuur op zich. Tweede halte: dumplings. Op de stoep krijgen we 3x dezelfde dumplings gevuld met varkensvlees: gewoon, spicy en hot. De gewone zijn al heerlijk maar de spicy, met veel kruiden, Chili en Sichuan peper zijn verrukkelijk! De hot variant laat voelen wat Sichuan pepers doen; ze verdoven je lippen en tong. Heftig!
We zitten al aardig vol maar er komen nog 3 stops. Heaton legt uit dat in de Sichuan keuken alles draait om de saus. Dus geen noodlesoep of droge dumplings, de saus maakt het verschil. Stap 1 is altijd eerst flink roeren, voordat je gaat eten. In een noodletentje kijken we onze ogen uit. Geen menu, geen Engels. Vooraan staat een kokkin achter een flink aantal potten met sausen, achterin worden de noodles gekookt. We krijgen 3 soorten om te proeven: dunne niet spicy noodles, dikke noodles met een soort sesamsaus en spicy witte bonen noodles. Van de laatste soort proef ik direct het verdovende effect van de pepers. Van de eerste twee kan ik niet stoppen met eten, zo lekker! Al zijn de dikke noodles wel erg zwaar. Met de tuktuk scheuren we naar een echt lokaal restaurant. Heaton waarschuwt dat het een luidruchtige bende is, waar veel wordt gedronken. We komen op de 1e verdieping in een met tl-licht verlichte zaal. Flink vol met ronde tafels vol met eten en jolige gasten. Pfoe, we zitten al vol maar zijn toch nieuwsgierig naar de ‘main courses’. Heaton bestelt een locale vis, gefrituurde paddestoelen, tofu in spicy saus en knapperige aubergine. Uiteraard bestelt hij er ook wat Baiju bij, de lokale sterke drank. We eten er dapper van, het is toch leuk om te proberen! We rollen de tuktuks weer in en eindigen in een prachtige bar met thema jaren 70 en 80. We krijgen er verrukkelijke zelfgestookte wijn (13%). Smaakt naar zurige caramel. Zo daar kan ik wel meer van op. We beloven Heaton voor hem te koken in Nederland. Voldaan nemen we afscheid van de groep en gaan met de metro naar het hotel. Wat een topavond!
Donderdag 9 augustus verkassen we met de trein naar Guilin. Zo’n 1200km in 6 uur. Als je wat te lezen hebt is het zo voor bij. Zien doen we niet veel. Het is bergachtig gebied en prachtig, maar we rijden meestal in lange tunnels. In Guilin is het 35 graden en vochtig. We worden opgehaald en de chauffeur brengt ons naar een gehucht vlak buiten Yangshou. Zodra we Guilin uitrijden, zien we overal het kenmerkende karstgebergte van dit gebied. Allemaal groene bulten in het landschap. Schitterend. We worden afgeleverd bij de Yangshou Village Inn, een kleinschalig familiehotel. We worden er warm ontvangen met huisgemaakte ijsthee, gelukkig is de kamer koel. Als we wat afgekoeld zijn gaan we naar buiten. We kijken vanuit de kamer op Moonhill. Buiten is het een drukte van jewelste, iedereen wil op de foto met de berg, al dan niet in gehuurd kostuum. Met de ondergaande zon een schitterend schouwspel. We besluiten in het restaurant van het hotel de eten in een tuin met pomelobomen. De menukaart biedt ook Italiaanse gerechten en zelfs een betaalbare wijnkaart! Blijkt dat ene Chris gewerkt heeft aan de upgrade van dit hotel en de lokale mensen getraind heeft in de Italiaanse keuken, het kweken van o.a. basilicum en het omgaan met wijn. Heerlijk! En zulke lieve en zorgzame mensen, top. De volgende morgen worden we opgehaald, na een heerlijk ontbijtje onder de pomelobomen, en naar de markt van Yangshou gebracht. Daar ontmoeten we kok Linda, een Belgisch stel en een Frans gezin dat in de VS woont. Linda vraagt ons ter plekke te besluiten wat we gaan eten, zodat ze inkopen kan doen. We lopen langs goed gevulde groente en fruitkramen, dames met noodles, varkensvlees, kippen, eenden, vis, kikkers, schaaldieren en zo meer. Het ziet er allemaal fris en schoon uit. Wel staan we even te kijken bij een kraam met kat, hond en geit. Geit is heerlijk, maar kat en hond? Als we klaar zijn rijden we naar de Cloud Nine cooking school. We krijgen een schort, mutsje en ieder ons eigen werkplek met wokbrander, snijplank, mes, ed. De ingrediënten staan per gang al klaar. We maken achtereenvolgens dumplings, vis in bier, aubergines en rundvlees met groenten. Het snijden, en ook de vorm van de stukjes, komt heel precies, dus Linda roept de een na de andere instructie. One hour cutting, 20 minutes cooking! En inderdaad, in de rokende wok maken we in recordtempo drie gerechten klaar. Daarna gaan we aan tafel. Het is erg gezellig met de andere gasten! S middags doen we niet veel meer. Wel vragen we de manager waar we Chinese koksmessen kunnen kopen. Ze vraagt het haar chefkok en ze komt terug met diens messenrek. Kies maar, dan gaat ze die kopen voor ons. Super!S Avonds eten we weer in het restaurant. Ik neem een heerlijke soep en Joost de lokale slakken, gevuld met varkensvlees. Lekker schijnbaar.
Aangezien we pas om 13 uur worden opgehaald de volgende dag, doen we rustig aan. Heerlijk ontbijtje buiten. Ineens bedenk ik me dat we geen messen mee mogen nemen in de trein! Gelukkig hadden ze ze nog niet gekocht, geen probleem! Dan maken we een wandeling in de buurt. Eerst willen we naar een uitzichtpunt, maar dat is afgesloten. Dan maar langs de weg naar de rivier. Lopen vinden ze hier maar raar. We krijgen steeds de vraag of we met de brommer mee willen. Begrijpelijk ook wel, het is bloedheet. Bij de rivier zien we bamboevlotten met plastic stoeltjes en een parasolletje er op. Aha, dat gaan we dus vanmiddag ook doen (denken we). Het hotel maakt een sandwich klaar en hup de auto in. De chauffeur had al gewaarschuwd dat het erg druk kan zijn naar Xingping, waar we op de Li rivier gaan varen. En inderdaad, een afstand van 33km in anderhalf uur. De weg naar de haven is afgesloten vanwege de drukte, dus hij zet ons af bij de shuttlebusjes. Hij regelt kaartjes en we scharrelen door het stadje naar de haven. Ondanks de drukte zitten we met een klein halfuurtje op een privé bamboevlot. Ik zie de PVC spuitgietcodes op de ‘bamboe’ staan en er ligt een stille elektromotor op het vlot. We staan met verbazing te kijken, er krioelen werkelijk honderden vlotten op de rivier, bizar. Maar, eerlijk is eerlijk, de omgeving is schitterend en het briesje is lekker in de hitte. We varen een krap uur. Terug denkt onze gids ons wel even slinks langs de enorme rij wachtenden voor de shuttlebusje te loodsen, maar daar trappen zn landgenoten niet in. ‘We can walk, it is not far’, zegt hij dan maar. We lopen een halfuur door het stadje, wat ook wel wat heeft. Compleet bezweet nemen we plaats in de gekoelde auto. De terugweg is een ramp: 2,5 uur! De weg zit volkomen vast en het helpt niet dat slimmeriken proberen voor te dringen via de berm. Snel douchen, biertje en lekker eten, dan maar!
Op 12 augustus maken we onze laatste treinreis van deze tour, naar Gangzhou of Kanton In 6,5 uur reizen we naar deze grote stad met 19 miljoen inwoners. Als we vanuit de auto naar buiten kijken is het een lange horizon met wolkenkrabbers in alle vormen en maten. We slapen in een 5 sterrenhotel met zicht op de Pearl rivier. De kamer is ijskoud en echt enorm. Om nog wat van de stad te zien en op jacht naar messen, gaan we met de metro naar de Grand View mall. Grand inderdaad. Het is zo groot met meerdere verdiepingen en meerdere gebouwen, dat we geregeld niet meer weten waar we zijn. Als we (met hulp) het warenhuis hebben gevonden, zien we wel wat keukenspullen maar geen messen, jammer. We ontdek ik een hippe kapper, Hair Code. Als ik vraag of ze me kunnen knippen, krijg ik de wedervraag op welk niveau? Stylist, top stylist, technical director, art of artistic director, met bijbehorend oplopend prijsniveau. Nou ja, doe de technical director dan maar. Na het wassen, komt een jonge vent met een koffertje aangelopen. Spreekt geen Engels natuurlijk, dus ik geef via de vertaalapp aan: niet te kort en graag wat luchtiger. Hij laat me twee plaatjes zien en ik denk, doe maar. Hij knipt zeer precies en professioneel, dat voel ik wel. Hij laat zn assistent alles filmen. Als ik mn bril opzet, schrik ik nogal. Tjee, dat is kort! Zn assistent zegt zacht in het Engels, dat dit kapsel toch erg goed bij mij past. En ja, dat is ook zo, maar het grijs wordt zo wel duidelijk zichtbaar. De kapper heeft een brede smile en is duidelijk erg tevreden. Ach, dan ben ik het ook! We gaan terug met de metro en kijken of we nog ergens wat kunnen eten. We zijn laat en dus zijn we de laatste gasten in een klein tentje. De gastvrijheid is duidelijk opgedroogd aan het einde van de dag, dus ze beginnen vast met opruimen als wij zitten te eten. Wegwezen dan maar. We knoeien nog wat met de airco in de kamer die we maar niet minder koud krijgen, bah.
Na het ontbijt gaan we nog een poging wagen om messen te kopen. Ik vraag de manager, die even naar de keuken loopt. De kok weet een winkel vlakbij. De manager maakt een briefje om aan een taxichauffeur te geven. Blijkt het nog geen kilometer weg te zijn, dat lopen we toch?! Dat vinden ze duidelijk raar. Het is heel warm maar toch een leuke wandeling over de brug over de Parel rivier heen. Het blijkt een klein winkeltje te zijn maar helemaal gespecialiseerd in Shi Ba Zi messen. Geweldig! De dame pakt er gelijk een paar om te proberen in de hand. We kiezen een kleine voor mij en een grote voor Joost. Dik tevreden lopen we terg naar het hotel. We kunnen gelijk door naar de metro voor onze fietstour. Ik hou m’n hard vast in deze drukke stad en met deze hitte van 35 graden! We ontmoeten Ju van Cycle Canton bij een hip café (Cycle Canton is opgericht door Nederlander Bram). We blijken een privétour te hebben! Met het drukken verkeer doen ze sowieso niet eer dan vier gasten met 1 gids. Ze legt ons uit wat we gaan doen. We rijden van het ouden Kanton naar de moderne stad in 4 uur en onderweg gaat ze ons vanalles laten zien. Leuk. Ze is duidelijk erg trots op haar Kanton, al wil ze wel weer terug naar Australië waar ze een tijd gewoond heeft. We stappen op een paar deelfietsen (die staan hier overal) en daar gaan we. Oe, gelijk de smalle steegjes in. Ze stopt vrij snel om uit te leggen dat de appartementen er hier misschien niet zo chic uitzien, maar wel vreselijk duur zijn. Sommige gebouwen hebben aan de buitenkant een lift gekregen zodat de ouwtjes hun huis kunnen bereiken. Het valt reuze mee met de warmte want je creëert je eigen bries! Op een gegeven moment stoppen we bij de markt. Ze laat haar tas in het mandje van de fiets achter, want ‘I trust it here’, bijzonder. Ze laat ons verschillende onbekende fruitsoorten proeven en uiteraard gaan we weer langs de kikkers, schorpioenen, vlees, schaaldieren en stukken kip met onvoldragen eieren. Hmm, leuk om te zien maar niet zo smakelijk. Kikkers eten doet ze vaak, zegt Ju, vooral als je ziek bent geweest om aan te sterken……. Een lokale agent vraagt Ju waar we vandaan komen. Ah, Nederland, ja, logisch, alleen Nederlanders fietsen met dit weer! We stoppen bij een buurthuis dat eruit ziet als een tempel. Ze haalt de sleutel en laat zien hoe de buurt hier een fijne plek heeft gecreëerd om voorstellingen te geven en muziek te maken. Uiteraard is er ook een altaar voor de voorouders. In een park kan Joost nog even oefenen met voetbadminton. Een stukje verder neemt ze ons mee voor Chinese sweets. Die eten ze blijkbaar op elk moment van de dag. Het zijn verschillende soorten soep/pap-achtige concocties. We proeven sagoparels in buffelmelk met mango (mjammie!), rode bonen in zoete kokosmelk en een soort ananassmoothie. Heerlijk! Langzaam fietsen we de modernere stad in met keurige fietspaden. Ze neemt ons mee langs de boulevard van de Parelrivier waar de rijken op een soort eiland (Ershadao) wonen en ouderen gymnastiek oefeningen doen. We eindigen bij de Canton Tower van 601 meter hoog! Het was echt een geweldige middag, die we niet hadden willen missen. ’s Avonds eten we fantastisch bij een Cantonees restaurant in de buurt. Ik eet superzachte shotribs met kleverige saus, Joost doet zich tegoed aan een bijzonder schotel met krab en varkensvlees. Asl we in het hotel terugkomen, blijkt dat we met een andere vlucht meegaan en nog vroeger worden opgehaald, 5 uur ’s ochtends! na een kort nachtje rijden we naar het vliegveld en vliegen via Beijing terug naar Ulanbataar. Tot onze verrassing staat Nara met haat man op ons te wachten. Blijkbaar moest de chauffeur geopereerd worden en dus bedacht ze ons zelf maar te gaan halen. Hoe lief. Ze zetten ons af bij Justin waar de Chef trouw staat te wachten. Snel even een boodschapje doen en lekker slapen onder de Mongoolse hemel!












Het was een lastminute idee om naar China te gaan, maar wat een goed plan! We hebben er enorm van genoten. Ook vanwege de perfecte organisatie door DimSum. Even schakelen naar een ander ritme weer.
Liefs, Marijke



































Wat een bijzonder verslag van China volgens ons komen jullie kilo’s aan maar dat is op de foto niet te zien
Geniet van jullie reis en wij genieten van jullie verslag
Groetjes Tiny en Pieter
Verstuurd vanaf mijn iPad
Dank je wel, Tiny. Dat aankomen is meegevallen, denken we (geen weegschaal). Een bijzondere ervaring was het zeker! Groetjes Marijke