Week 15-17: Als uitsmijter: Albanië en Montenegro

Na een dagje rust aan het Ohrid meer, gaan we weer offroad. Wederom op een kleine aanwijzing (= 3 plaatsnamen) van Allradler magazin gaan we op pad. Vlak voor Elbasan nemen we een oude militaire weg omhoog langs Labinot. Daarna duiken we het bos in. Regelmatig hebben we prachtig uitzicht. De weg is ruig, rotsig en soms wat overgroeid en hier en daar raakt onze ‘under-car-protection’ de stenen. Zo hotsen we zeker twee uur langzaam, langzaam. Bij de lunch merken we pas goed hoe heet het is (34°). De airco is wel een zegen. Als we bij Üre in de buurt komen, zien we mensen bezig met hooien op steile hellingen. Nu komen we ook af en toe een lokale 4×4 tegen, die batsen over de weg. Allemaal heel vriendelijk; zwaaien! We zien mooie wildplekjes, maar zoeken een slaapplaats met mobiel bereik. Joost moet een zakelijk telefoontje plegen voor een mogelijke klus. We rijden langs Shengjergj en krijgen fenomenaal uitzicht over het dal. Joost probeert het bereik, maar het houdt niet over. Dan maar naar het dorpje. De weg naar beneden is erg steil en heel slecht. We komen uit bij een barretje naast een oude moskee. We nemen een drankje en Joost gaat in de auto zitten bellen (met de motor aan voor de airco). Tja, hoe leg je dat uit met handen en voeten? De mannen gaan op de auto af

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

om die nader te bekijken. Ik probeer ze uit te leggen waar alles voor is en waarom Joost in de auto zit. Ik krijg lekkere Turkse koffie aangeboden. Als Joost de auto uitkomt, laat een van de mannen mij zijn mobiel zien. Er staat te lezen (Google Translate): ‘If you want to stay here, no problem’. Kijk, da’s aardig! Inmiddels is Joost het plateau naast de moskee op gelopen en dat lijkt hem wel wat. Geen probleem verzekeren ze ons. Wow, wat een stek! We hebben rondom uitzicht. Joost maakt enthousiast een filmpje (zie hier). Het blijkt een echte traktatie, we horen alle geluiden uit het dal: spelende kinderen, koebellen, een auto, muziek uit de bar e.d. Af en toe komt iemand een sigaretje roken. We zien ook een werkelijk enorm overbeladen hooiwagen de weg afkomen die wij ook genomen hebben. Hij gaat tergend langzaam en de hooibaal blijft zichtbaar af en toe hangen aan de rotsen en in de bomen (we zien de volgende dag de resten hooi hangen). Na een warme nacht branden we om 6.30 uur de tent al uit en vertrekken we noordwaarts richting Klos. We rijden langs alpenweitjes en door de bomen met een slakkengang van 10 km per uur. De rit is lang en we weg wordt juist als we bij Gur i Bardhë nog slechter (zie filmpje). Om 13 uur komen we aan bij Camping Oasi della Chiesa in Suc. De camping ligt rondom een kerkje en wordt gerund door zusters. We zijn (en blijven) de enige gasten. We gaan onder een grote boom staan en duiken ’s middags aan de overkant van de weg even de rivier in. Tjee, wat is het warm. Het koelt ’s avonds gelukkig af en als de zusters met een aantal gasten en kinderen zich om het kunstvoetbalveld hebben geposteerd, trapt Joost een balletje met de kinders. Vanwege de warmte lijkt het ons een goed idee de bergen in te gaan! Woensdag 13/7 maken we een lange dag en rijden over een prachtige snelweg naar Kükes en vandaar over een smalle asfaltweg naar de Valbona vallei. Ai, ai, wat mooi hier! Steile bergwanden en een ijsblauwe rivier. We eindigen bij guesthouse Kon Gjoni waar we in de tuin kunnen kamperen; een prachtige plek. ’s Avonds eten we met de pot mee: geit! Het eten is overdadig en superlekker a 6,50 Euro. We kletsen met Denen en Belgen, want het

guesthouse is vol. We informeren bij de Denen naar een wandeling, want we moeten wel eens in beweging komen. De volgende dag volgen we de wandeling naar de piek Roshit. Het is weer erg warm en het rotsige pad is supersteil. Na 2 ½ uur klauteren en glibberen op de losse stenen, geef ik er de brui aan. Het uitzicht is prachtig maar we hebben nog steeds niet het ‘barretje’ bereikt. We komen de zoon van Gjoni tegen met wat Fransen en die verzekert ons dat het nog maar een half uurtje lopen is. Ik loop nog dapper even door, maar zie nog steeds niks: omdraaien! De weg naar beneden, je raadt het al, is even inspannend. ’s Middags rusten we na gedane arbeid en ’s avonds eten we weer ons buikje rond. Het koelt lekker af.

Vrijdag staan we om kwart over zes op. We willen met de ferry over Lake Koman varen en die vertrekt bijtijds. De bootreis is prachtig door de ‘fjorden’ van Albanië, maar om dit nu een van de mooiste vaartochten van de wereld te noemen…. Het is wel gezellig met twee Amsterdammers die hier twee weken rondtrekken. De aankomst van de boot in Koman is nogal lachwekkend. Het waait heel hard en de kade is mudjevol. Na twee pogingen liggen we aan wal. Dan volgt het manoeuvreren door een smal tunneltje met verkeer van twee kanten; lachuh! Langs een slechte weg rijden we naar Shkoder, een grote plaats. Vlak daarboven vinden we een plek op de camping aan het meer. Het begint enorm te onweren en regenen en de camping wordt flink modderig. De volgende ochtend vetrekken we naar Vermosh, een dorp op de grens met Montenegro. De weg er naar toe wordt helemaal

vernieuwd met EU-geld en is prachtig, maar helaas regent het. Als het asfalt ophoudt zien we indrukwekkende wegwerkzaamheden; veel wordt met de hand gedaan. De omgeving is schitterend en we komen 2 Ierse fietsers tegen; dapper hoor. In de Vermosh vallei mogen we in de tuin staan van Guesthouse Peraj onder de appelbomen. Dochter Florida spreekt prima Engels en we kunnen er ook eten. Om 19 uur staat buiten onder pergola een uitbundig maal klaar met o.a. gebakken vis, frieten, kaas, salade en cake. We kletsen uitgebreid met een bereisde Armeniër die verdacht veel van een Amerikaan heeft. Als we

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

vragen wat hij doet voor de kost zegt hij: ’If I tell you what I do, I’ll have to kill you”, uhuh. Met de kachel aan kijken we een film. ’s Ochtend gaan we de piepkleine grens met Montenegro over. Montenegro ziet er gelijk anders uit, een soort Zwitserland. Keurig huisje-boompje-beestje, mooie wegen. In de vallei van de knalblauwe Tara rivier vinden we een prima camping en hebben er alle ruimte. ’s Avonds maakt Joost een lekker vuur. Maandag rijden we door de prachtige vallei naar de brug over de Tara waar je met een zip-line een angstaanjagend ritje over de diepte kan maken. Het is er toeristisch druk. We rijden door naar een hoogtepunt van Montenegro: Durmitor National Park. Op de camping hebben we prachtig uitzicht op de bergen en maken een wandeling rondom Black en Small Lake, gevuld met gletsjerwater. De camping vult zich met wandelaars en het wordt koud. De volgende morgen hangen de wolken laag. We rijden eerst een weg naar het noorden van het park en vervolgens in het zuiden er onder langs tot in de Pive kloof. Prachtig, prachtig: eerst de kale ruige bergen van Durmitor en dan het helblauwe water van het stuwmeer omringt met groen. We rijden tot de grens met Bosnië-Hercegovina en besluiten naar het rafting kamp Grab te rijden. Raften op deze rivier lijkt ons wel wat! Top-besluit want er is heel veel ruimte om te kamperen, de ontvangst is uiterst hartelijk en professioneel en we

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

schrijven ons direct in voor een raft tripje. We vermaken ons met het gadeslaan van de enorme groepen Franse jongeren die er ook verblijven. De volgende dag melden we ons bij de raft instructeurs en met een aantal andere toeristen worden we in een wetsuit gehesen en met een busje naar het beginpunt gereden. We hebben er geen foto’s van, maar het is een prachtige tocht van 3 uur door de kloof met hier en daar toch echt leuke rapids. We vermaken ons uitstekend! Na afloop krijgen we een lunch alsof we zware arbeid hebben verricht. Donderdag rijden we dwars door het kleine landje naar de kust en belanden zowaar op een mooi plekje op een volle strandcamping. We koelen af in het zoute zeewater en kijken onze ogen uit; dit zijn dus mensen die dagenlang aan het strand liggen, brrr, niks voor ons. Vrijdag rijden we langs de toeristische kust naar het noorden. De kust is prachtig, maar nu veel te druk. We gaan door Lovcén National Park, dat ons niet zo kan bekoren, maar worden beloond met spectaculair uitzicht over de baai van Kotor.

Vervolgens passeren we 25 haarspeldbochten. Kotor staat op nr. 1 van de steden die je in 2016 moet bezoeken volgens Lonely Planet en we waren al gewaarschuwd voor de drukte (vooral van Amerikanen). Als we er aankomen ligt er een torenhoog cruiseschip in de haven en is het er inderdaad erg druk. Wel een leuk ommuurd stadje en we gaan eerst maar eens even lekker lunchen met scampi’s (direct een heel weekbudget in Iraanse termen uitgegeven). We winkelen wat en gaan dan op zoek naar een slaapplaats. Met de ferry naar de overkant en we komen aan op een volgepakte camping waar veel Nederlanders staan. We proberen af te koelen in het meer, maar het water is redelijk warm en ook wat vies. We concluderen dat Montenegro een proper landje is en prachtig, maar in juli kun je beter de kust mijden.

Zaterdag 23 juli begint onze laatste week en wat onwennige dagen aan de Kroatische kust, in Slovenië, Oostenrijk en Duitsland. Het is overal druk met toeristen en witte dozen en we voelen ons er niet echt thuis. Noemenswaardig zijn de kust van Kroatië (maar niet in juli!), en vooral Ljubljana in Slovenië. Wat een leuke stad! We shoppen wat leuke spulletjes bij elkaar. Als we de tunnel doorrijden naar Oostenrijk zakt de temperatuur van 35 naar 25 graden. De laatste avond in de Eifel boeken we een mooi hotelletje en eten er op culinair niveau om af te sluiten. Op vrijdag worden we thuis warm onthaald door Jaap, Jacomien en Noor.

Dit was het dan. Vier maanden, 23.000 kilometer en vele prachtige ervaringen. De variatie in cultuur, natuur en mensen tussen de landen was geweldig. Iran en Georgië hebben ons hart gestolen en kunnen we warm aanbevelen (ook voor mensen die minder avontuurlijk willen reizen!). En nee, er is niets vervelends voorgevallen en we hebben ons altijd veilig gevoeld. Kortom, wij vinden deze reis boven verwachting geslaagd!

Nu we thuis zijn, zeggen veel mensen dat die 4 maanden omgevlogen zijn. Nou, voor ons gelukkig niet! Iedereen bedankt voor het meeleven en meelezen, dat maakt het extra leuk om te schrijven. Op naar een volgende reis!

Liefs,

Marijke

We zijn thuis!

We zijn thuis!

Hier zie je de route die we gereden hebben. In totaal ongeveer 23.000 km in 4 maanden.

Reis met handicap

Het is bijna zover. Dit weekend gaan we naar Roemenië in het gezelschap van Harald en Mariska ( je weet wel, van Harenmaropreis.nl). Hier hebben we lang naar uitgekeken, omdat dit de eerste reis wordt in onze Hilux met Exkab camperunit. We hebben er twee jaar aan gewerkt en nu gaat het gebeuren. Wel met een handicap….Marijke heeft 2 weken geleden haar middenvoetsbeentje gebroken. Gelukkig zijn de gipsmeesters in het TweeSteden ziekenhuis in Tilburg super meedenkend. Vrijdag gaat het gips eraf en krijg ik een afneembare off-road brace ;-). Vermoedelijk krijg ik de functie van kokkie in het gezelschap!

Op naar de Karpaten! Lezen jullie mee? Leuk!

groet,

Marijke

Week 1: Groen, prachtig en gastvrij

Hier volgt het reisverslag van onze eerste week Roemenië. Snel zien waar we zijn? Bekijk onze GPS-log: roemeni.poi66.com

Zondag 3 augustus – Harald en Mariska komen aan het begin van de middag. Harald wil nog een optakelbaar bed maken in hun Landcruiser. Het is flink wat klussen en Joost zijn gereedschap komt goed van pas. Intussen hobbel ik wat rond op 1 kruk en probeer nog wat te doen, maar mijn voet wordt snel dik. Lees verder

Week 2: Over mooie stadjes, drukte, zon en regen

Maandag 11 aug. Om 6 uur komt de eerste auto al langs onze wildkampeerplek aan het stuwmeer in het Retezat National Park. Als binnen 10 minuten de tweede langskomt wil ik eruit. Harald en Mariska gaan vandaag wandelen hier. Aangezien mijn voet dat nog niet kan gaan wij alvast verder. We rijden via Petrosani naar de Transalpina, een weg over het Cindrel gebergte. Het 2014-08-11 10.27.19eerste stuk tot aan de Transalpina is prachtig en gaat langs een riviertje door een kloof. Lees verder

Week 3: Kloven, kloosters en weidse uitzichten

Maandag 18 aug. ’s Ochtend is het gelukkig zonnig als we opstaan. We nemen afscheid van mevrouw Jolanda en rijden richting Bicaz. We komen eerst aan bij Lacu Roșu. Het is direct toeristisch en waarom eigenlijk? Lees verder

Week 4: Romania e frumoasa!

Zondag 24 aug. Vandaag had een rustdag moeten worden; lekker boekje lezen in het zonnetje of zoiets, maar het komt met bakken uit de hemel. We blijven lang in bed en gaan er om 10 uur toch maar uit. Er is een soort tweepersoons doucheruimte, dus dat doen we gezellig maar eerst. Lees verder

Week 1: Balkende pinguins en bijtende honden

Woensdag 12 september – Rob en Mirjam halen ons in Waspik om tegen 11 uur en we rijden naar Jaap en Jacomien. Jacomien heeft een lekere lunch gemaakt. Daarna brengt Jaap ons naar Schiphol. We vliegen naar London Heathrow en daar lunchen we lekker bij Wagamamma. Rob is nu al zijn leesbril kwijt! Met British Airways hebben we een prima vlucht naar Kaapstad. Lees verder

Week 2: Boffen, bollen en braaien

Vrijdag 21 september – Het weer is wat minder en dus gaan we een ritje maken. We rijden via Stanford naar Die Kelders, grappige plaatsnamen hebben ze hier. We scharrelen een beetje tussen de vakantievilla’s door langs de kust op zoek naar walvissen. Het regent en dus verbaasd het ons niets dat ze niet echt happig zijn zich te laten zien. Lees verder

Week 3: Wild en warm

Inmiddels zijn we al weer enkele weken thuis, maar het reisverslag van Zuid-Afrika is nog steeds niet af. Om toch wat herinneringen te bewaren, hier een verkorte weergave van de laatste week:

Vrijdag 28 september – Vandaag rijden we bijtijds naar Addo elephant park. We rijden een andere route en zien veel meer: zebra’s, kudu’s, olifanten, een jakhals en tot onze verrassing twee excusez-le-mot neukende tijgerschildpadden.
Lees verder

Hieronder staat het reisverslag van onze reis door Zuid-Amerika met onze Toyota Landcruiser. We zijn door familieomstandigheden 6 weken eerder teruggekomen, maar het waren 4 schitterende maanden in Argentinië, Brazilië en Bolivia. De foto’s, diavoorstelling en video’s zijn te vinden op de Foto en videopagina.

Midden-Oosten? Op naar Zuid-Amerika!

Twee jaar geleden kochten we onze Toyota Landcruiser en zo’n half jaar geleden maakten we plannen voor een rondreis Turkije-Zuidelijke Kaukasus-Midden-Oosten-Egypte-Libië en Tunesië. Enkele weken geleden hebben we naar aanleiding van de aanhoudende problemen in Syrië besloten onze route drastisch te verleggen. De Russische boeken in de kast en de Spaanse lesboeken er weer uit. Ook al zijn we er al twee keer geweest, het continent is groot genoeg om nog veel meer te ontdekken: Zuid-Amerika! Lees verder

De Landcruiser op weg naar BA

Dinsdag 7 juni 2011 hebben we de auto naar Antwerpen gebracht. In Haven 1333 worden de containers van de Grimaldi Group ingeladen. We komen tegen 9 uur aan en worden gevraagd  een geel hesje aan te doen. Even verderop gebaart een man dat we de auto neer kunnen zetten. Het kan even duren, dus we schenken koffie in en nemen een broodje. Even later ploft een grote grijper een 20 ft container voor ons neer. Er komt een mannetje aangescheurd in een pick-up, opent de deur, klapt twee rijplaten neer  en gebaart naar Joost dat die de auto er in kan rijden. De auto past er keurig in. Vervolgens maakt Joost de accu’s los en dat duurt even. De man knoopt  een praatje met me aan en wordt wat ongedurig. Hij zegt op z’n Bels: “Zijt ge daar een kleine beurt aan’t geven of wah?”

De auto en de reserveband worden vastgesjord en de deuren gaan dicht. Zegel erop en klaar!

IMG_0340

IMG_0338

Als we thuis komen ligt er al een e-mail van Manfred (Mafratours) met het container- en zegelnummer en een link om de container te volgen.  De container wordt op 9 juli in Buenos Aires verwacht. Stap 1 van het Rondje Zuid-Amerika is gezet.

Week 1: Oefenen met geduld

Woensdag 6 juli trekken we in Oosterhout de deur achter ons dicht en de buren zwaaien ons uit. De laatste twee dagen zijn heel vreemd. Dinsdag horen we ’s ochtends van Manfred, onze agent, dat de Bill of lading van onze container niet op tijd zal aankomen. Dit document heb je absoluut nodig om de container in Buenos Aires (BA) te kunnen ophalen. Eerst zegt Manfred dat het origineel niet nodig is en dan weer wel. Joost bedenkt een oplossing waarbij de buurman de BL opvangt en moet opsturen naar Grimaldi in Antwerpen. Joost zijn zus belt rond het middaguur dat z’n moeder met een voedselvergiftiging is opgenomen in het ziekenhuis vannacht; ze mag gelukkig snel weer naar huis. Lees verder

Week 2: We hebben ‘m!

Donderdag 14 juli is het ’s ochtends ineens koud in Buenos Aires. We hebben geen haast en Marijke probeert te skypen met Jaap en dat lukt! Jacomien komt er ook bij en al lukt het niet met beeld, de lijn is heel helder. Later skypen we ook met Geert in Arequipa en ook dat gaat perfect. We lopen de stad weer in op weg naar het museum van moderne kunst, al is dat ver weg. Als we door Avenida Santa Fe (een prachtige winkelstraat) lopen begint het te miezeren en daarna te regenen. We lunchen ergens en draaien dan maar om. Bij een prachtige boekhandel ben ik er van overtuigd dat ik een Nederlandse journalist zie, maar durf het niet te vragen. Lees verder

Week 3: Veel geluk bij een ongeluk

Donderdag 21 juli rijden we, na wat boodschappen en dieseltanken, eenvoudig Buenos Aires uit. Wel spannend om over de breedste weg ter wereld te rijden; go with the flow. Al snel volgen we Ruta 12 naar het Noorden door de delta tussen de rivieren Paraña en Uruguay. Eindeloze moerassen, af en toe politiecontroles. We waren gewaarschuwd voor de politie hier, maar worden overal doorgewuift (wel gordel om en lichten aan!). Na 350 km komen we aan in Parque Nacional El Palmar. Lees verder

Week 4: Water, water en wow, water!

Vanuit San Ignacio rijden we (28 juli) naar het Noorden, naar Puerto Iguazú. We tanken heel veel diesel (156 l, wel de duurdere soort want de gewone is op: AR$ 5,28 p.l., zeg maar 0,90 Eurocent), want regelmatig verkopen de pompen hier nee en staan er lange rijen. Ze doen er zelf een beetje lacherig over. Blijkbaar komen ze op hetzelfde moment op het idee te gaan tanken. Onderweg hebben we weer veel bekijks. In de middag komen we in Puerto Iguazú aan en bij de Tourist Information vraag ik of ze een camping weten. Ze verwijzen ons naar de camping waar de Argentijnse studenten het ook al over hadden: Complejo Americano, toevallig naast de Tourist Information. Gelukkig spreek ik een beetje Spaans, want Engels daar doen ze hier niet aan. Lees verder

Week 5: Tropisch Brazilië

Het eiland Ilhabela spreekt tot de verbeelding: een klein eiland met maar 1 weg en zeker 25 verschillende strandjes met een eigen naam. Ieder strandje is weer anders, maar overal staan wuivende palmbomen. Bij één van de Noordelijke strandjes is een punt dat heet Pedras de Sino. Hier liggen wat grote keien in het water en is een gelijknamige camping en een restaurant. We staan een beetje op de heuvel en kijken ’s ochtends vroeg uit de daktent tussen de palmen en tropische bomen door naar het strand. Voor het eerst zijn er geen honden, kalkoenen of wat dan ook op de camping en is het heerlijk rustig. Lees verder

Week 6: Prachtige Pantanal

Vanuit Bonito rijden we richting de zuidelijke Pantanal. De Pantanal is een moerasachtig gebied (wetland) dat zo’n 210.000 km2, waarvan de helft in Brazilië ligt. Er zijn geen dorpen of steden en nauwelijks wegen. De belangrijkste attracties zijn dieren (kaaimannen, jaguars, ara’s, capybara’s, en heel veel vogelsoorten). Er wordt ook veel gevist. Uiteraard zijn er luxe resorts waar je je heen kunt laten vliegen, maar wij rijden de Estrada Parque (grofweg van Miranda naar Corumbá). Vanaf Bonito verandert het landschap van heuvelachtig naar vlak. Voorbij Miranda zien we langs de weg enorme kaaimannen liggen. Lees verder

Week 7: Gastvrij Brazilië laat niet los!

In Poconé hebben we 4 Fransen ontmoet die met een truck en een Landrover rondrijden. Ook komen we twee Duitse dames tegen in een Volkswagen-camper. Ze zijn resp. 2 en 3 jaar onderweg. Wij zijn de eerste Hollanders die de Duitsers tegenkomen. Ze hebben veel tips over Bolivia en de grensovergang voor ons. Als we dinsdag de 23e richting Porto Jofre rijden komen we ze weer tegen. Porto Jofre ligt aan het einde van de Transpantaneira. Dit is een onverharde weg van 150 km met 122 houten bruggen. Verder kom je met een auto de Pantanal niet in. Lees verder

Week 8: Bolivia, een andere wereld

Na het afscheid van de broeders in Cáceres houdt ons verblijf daar ons nog lang bezig. Het was heel bijzonder. We rijden door een soort niemandsland naar de grens met Bolivia. Bij een sanitaire controlepost (denken we) willen ze ons paspoort zien; het blijkt de Braziliaanse grens! Even later staan we voor de Boliviaanse grens en eigenlijk is het zo gepiept. We zijn in Bolivia. De keurig geasfalteerde weg is nu een grove dirtroad. Lees verder